Fotograferen in alle weersomstandigheden: bescherm je apparatuur

Amy Schutte 212
Helaas, in Nederland kan het ook in het voorjaar of de zomer nog wel eens slecht weer zijn. Dat wil niet zeggen dat je er niet op uit kunt trekken met je camera, want ook in regen, mist en kou zijn mooie plaatjes te halen. Juist dan, want een stemmige, regenachtige dag kan erg goed fotomateriaal opleveren. Natuurlijk wil je je apparatuur zo goed mogelijk beschermen. Water, zand, sneeuw en ijs zijn niet goed voor je camerabody, je lenzen en je flitsers. Ook je statief en niet te vergeten jijzelf kunnen het zwaar te verduren hebben. Maar er zijn natuurlijk voorzorgsmaatregelen die je kunt nemen. Wij helpen je op weg, door alle vier seizoenen!

Water

Water kan komen in de vorm van regen, maar ook van de water plonzen zoals van de zee. Stel dat je camera weerbestendig is. Dat wil zeggen, ze houden spatwater buiten. Onderdompeling in water is geen goed idee. Zorg ervoor dat je een regenhoes hebt om sneeuw en ijs buiten te houden. Soms is een paraplu afdoende, maar als je alleen bent betekent dat wel dat je één hand kwijt bent. Gaat het onverwachts regenen? Probeer dan ergens een vuilniszak te scoren en een gat te knippen/scheuren voor je objectief (en eventueel voor je flitser). Zo hoef je nog niet direct naar huis, want regen kan mooie plaatjes opleveren. De hele straat reflecteert en daar kun je als fotograaf natuurlijk gebruik van maken. Een zonnekap houdt ook regendruppeltjes van de lens af, dus die kun je ook uit je tas halen. Probeer wat droge doekjes in je tas te hebben zitten, een zeem is fijn. Als je ook nog een rol gaffertape hebt, kun je eerdergenoemde vuilniszak (of andere plastic bescherming) beter en waterdichter vastmaken aan je camera.

Toch nat

Mocht je camera toch nat geworden zijn, haal hem dan helemaal bij thuiskomst zo snel mogelijk uit elkaar en leg alle onderdelen te drogen op een schone plek bij een verwarming. Zorg dat het warm is maar niet heet. Gebruik een eventueel een droge, schone doek (alleen speciale lens doekjes voor de lens). Accesoires die niet heel gevoelig zijn kun je eventueel in een zak rijst stoppen. De rijst zal het vocht opnemen.

Extreme kou of warmte

Camera’s zijn gebouwd voor temperaturen tussen de -10 en +40 graden Celcius. Dit is vooral belangrijk voor de batterijen, die zijn het gevoeligst voor extreme temperaturen. Als batterijen heel koud worden, wordt het voltage dat ze afgeven lager. Je camera denkt dat ze leeg zijn. Zorg daarom dat je een extra batterij bij je hebt, die je dicht op je lichaam draagt. Bijvoorbeeld in een broekzak. Wissel ze om op het moment dat je camera aangeeft dat de accu leeg is, en stop de lege nu in je broekzak. Eenmaal opgewarmd, kan deze waarschijnlijk nog even mee. In hitte hou je je extra batterij op een beschutte plek, zoals je cameratas. Hou deze zoveel mogelijk in de schaduw.

Wind

Wind op zichzelf is het probleem niet, maar het zorgt voor zand en stof dat opwaait en overal gaat zitten. Vooral in bewegende delen, zoals het diafragma of de sluiter, is dit een groot probleem. Ook voor statieven. Als je camera (of statief) rubberen beschermers heeft, zorg dan dat deze goed afsluiten. Gebruik eventueel je regenhoes om opwaaiend zand tegen te houden. Stop spullen die je niet gebruikt direct terug in je cameratas en doe deze dicht. Objectieven verwissel je uiteraard alleen op een beschutte plek. Bij thuiskomst is het een goed idee om alles uit elkaar te halen en met een blaasgalgje schoon te blazen.

Zorg er, bij harde wind, ook voor dat je je statief verzwaard. Je wil tenslotte niet dat alles in het zand valt!

Denk aan jezelf

Bescherm jezelf ook goed. Koude vingers hebben minder controle en voor je het weet laat je kostbare apparatuur uit je handen glippen. Bovendien is er niets aan om na een shoot drie dagen ziek op bed te liggen, dus kijk hoever jij en je apparatuur kunnen gaan.

afbeelding van Amy Schutte
Door: Amy Schutte

Amy Schutte | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Amy