De uitdaging van de auto

Amy Schutte 142
Auto’s fotograferen is een vak apart. Een glimmend, bewegend onderwerp, waarvan de kleur goed moet overkomen in (meestal) buitenlicht, en de vormen goed te zien moeten zijn. Ga er maar aan staan. Daarom een aantal tips.

Goed licht

Zoals zoveel onderwerpen, kun je auto’s het beste fotograferen net na zonsopgang en net voor zonsondergang, in de gouden uren. Je hebt mooi warm, zacht licht, zowel op de auto als op de omgeving. Daarom zijn dit, ook voor auto’s, de fijnste uurtjes om gebruik van te maken.

Let op kleur

Bij het fotograferen van auto’s is het belangrijk om de kleur zo natuurgetrouw over te brengen, zeker wanneer je in opdracht fotografeert. De gouden uren zijn, zoals gezegd, erg geschikt qua licht. Maar sommige kleuren werken juist prima in de middagzon. Vooral pastelkleuren kunnen in een hard verlichte setting juist goed werken.

Let op reflectie

Een schone, soms nieuwe auto is natuurlijk lekker glimmend. Prachtig om te zien, lastig voor de fotograaf. Hou rekening met deze reflectie, door de omgeving goed te kiezen. Dat wil zeggen, de omgeving die in het kader terugkomt, maar ook wat er achter jou is. Staan daar gebouwen? Grote kans dat je die in de reflectie terugziet. Hou die achtergrond dus bij voorkeur zo neutraal mogelijk en wees je er bewust van dat die sowieso is de weerspiegeling van de auto te zien is. Zorg er ook voor dat je zelf niet in de reflectie te zien bent. Gebruik eventueel de timer en loop het beeld uit om dit te voorkomen.

Laat beweging zien

Een auto is natuurlijk een bewegend voorwerp, dus het is een goed idee om die beweging in je foto’s te laten zien. Dit kun je bijvoorbeeld doen door ‘panning’ te gebruiken. Hierbij zet je je sluitertijd iets lager dan normaal; je gaat bewegingsonscherpte creëren. Volg de auto met je lens terwijl je afdrukt. Dit kun je het beste doen vanaf een statief, want handbewegingen zijn ook zichtbaar in de foto. De achtergrond is nu bewogen terwijl de auto, als het goed is, scherp is.

Beweeg zelf

Een andere manier om beweging in je foto te brengen, is zelf te bewegen. Je kunt de foto vanuit een andere auto of aanhanger proberen te maken. Door weer de sluitertijd wat langer te zetten, krijg je zo mooie bewegingsonscherpte in de strepen op de weg en de wielen. Je hoeft hier niet eens hard voor te rijden. Probeer de achterklep van de auto waarin je zit open te houden en achteruit te fotograferen. Wel voorzichtig zijn en kies er misschien een stille, afgelegen weg voor. Meneer agent is namelijk minder groot fan van deze methode.

Kies de achtergrond

Voor zowel een rijdende auto als een stilstaande auto is het belangrijk dat je een achtergrond kiest die bij de auto past. Een SUV past goed in een stoere, rotsachtige setting terwijl een Fiat 500 daar misschien wat lullig in lijkt. Denk ook goed aan de kleuren; de kleur van de auto kan misschien terugkomen in de setting die je kiest. Het is in elk geval belangrijk dat er geen afleidende dingen in het kader staan, alleen de auto en een rustige, complimenterende achtergrond. Andere dingen zul je moeten weghalen, je foto anders moeten kadreren of later in Photoshop moeten zien te verwijderen.

Fotografeer in het donker

Dat ligt misschien niet direct voor de hand, maar nachtfotografie kan ook voor auto’s heel goed werken. Denk bijvoorbeeld aan de lichtjes van een stad op de achtergrond. Natuurlijk is het wel zaak de auto goed uit te lichten. Daarvoor kun je lichtopstellingen gebruiken, of je kunt ‘light painting’ toepassen. Je schildert dan als het ware met licht. Zet hier je sluitertijd op heel lang, bijvoorbeeld 30 seconden. De camera staat uiteraard op statief. Je drukt af en loopt vervolgens met een lichtbron (dat kan zelfs een zaklamp zijn) om de auto heen, waarbij je de auto volledig belicht. Het behoeft misschien wat oefening, maar op deze manier kun je de auto mooi uitgelicht in je foto krijgen zonder je druk te hoeven maken om lampen en stroompunten.

afbeelding van Amy Schutte
Door: Amy Schutte

Amy Schutte | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Amy