'Knutselen met licht, daar haal ik mijn lol uit'

Interview: Fujifilm ambassadeur Martin Hogeboom

Remco Stunnenberg 265 0
Het werk van Fujifilm-ambassadeur Martin Hogeboom kenmerkt zich door een cocktail van mooi licht, onscherpte, knallende kleuren en bijzondere standpunten. Zijn beelden roepen niet zelden een wow-effect op. Een gesprek met deze fotograaf die vaak in een adem wordt genoemd met strobistfotografie. Een term waar Martin zelf niet veel mee kan. 'Geef het maar een naam.'

Google de naam Martin Hogeboom en je krijgt allerlei hits in combinatie met strobistfotografie. Strobist is een veelgebruikte verzamelnaam voor het creatief werken met opzet/reportageflitsers. Je gebruikt hierbij je opzetflitsers los van je camera en meestal in combinatie met het bestaande licht. De naam is afkomstig van blogger en fotograaf David Hobby. Martin zelf moet er om lachen. Hij is er de man niet naar om zichzelf te typeren. Of het moet deze typering zijn; 'Ik ben gewoon een fotograaf.' Daarmee doet hij zichzelf eigenlijk tekort, Martin is echt veel meer dan een gewone fotograaf, maar het zegt veel over zijn bescheiden inborst. 'Laten we het niet ingewikkelder maken dan het is. Ik maak veelvuldig gebruik van draagbare en relatief simpele flitslampjes. Dat wordt ook wel strobistfotografie genoemd. Geef het maar een naam, het is mij om het even.'

'Mooi licht heb ik altijd belangrijk gevonden', vervolgt Martin. 'Aan het begin van mijn professionele loopbaan nam ik vaak mijn studiolampen mee. Maar dat was altijd een gedoe. Opbouwen, kabels uitrollen, softboxen installeren... Allemaal erg omslachtig en tijdrovend. Tijd die ik voor veel opdrachten helemaal niet heb. Om over het gesleep nog maar te zwijgen. Ik ging dus steeds vaker over op bestaand licht. Met andere woorden: de praktijk leert dat je dat grote spul zelden of nooit gebruikt. De flitslampjes waar ik daarentegen mee werk, passen makkelijk in mijn tas en binnen een minuut heb ik een statief met een lampje staan. Heel praktisch. Dat maakt ook dat je er snel gebruik van maakt. Het is dus vanuit praktische overwegingen dat ik graag op die manier werk. Wanneer ik shoots doe waarbij ik alle tijd heb en er een hele show van kan maken, maak ik ook weleens gebruik van grote studioflitsers. En ook als ik eens echt power nodig heb, zet ik mijn grote zware accuflitsers van Profoto in. Het is dus niet zo dat ik alleen maar met kleine flitsers werk. Maar stel nu dat ik alleen nog maar met kleine flitsers zou kunnen werken, dan kan ik nog 99 procent van mijn opdrachten uitvoeren. Want ook voor situaties die eigenlijk vragen om krachtige flitsers, heb ik wel wat creatieve oplossingen met kleine flitsers in huis. Voor shoots in het buitenland moet ik sowieso altijd klein inpakken. Dan neem ik twee kleine flitsers mee waarmee ik alles doe.'

Niet vies van nabewerking

Afgezien van zijn geheel eigen belichtingsstijl, is aan de beelden van Martin te zien dat hij niet vies is van nabewerking. Martin: 'Ik vind het leuk om beelden nog een extra effect mee te geven, om nog wat te doen met kleur bijvoorbeeld. Belichting en kleur is allemaal erg persoonlijk. De één houdt van lichtere foto's, de ander geeft juist de voorkeur aan meer kleur. En weer een ander houdt van meer of juist minder verzadiging. Wat mij betreft hoeft het niet altijd helemaal realistisch te zijn. Ik doe mijn aanpassingen altijd op gevoel. Het moet bovendien aansluiten bij het gevoel dat ik had toen ik de foto maakte. Recent bewerkte ik een foto die ik maakte tijdens mijn laatste motortrip door de Verenigde Staten. Een beeld van oude auto's. Mijn herinnering daarbij was heel erg knallend en zo heb ik dat beeld ook bewerkt. Daarop kreeg ik wat vragen. Mensen vonden mijn bewerking niet helemaal realistisch. Een beetje over de top. Dat kan, ieder zijn mening. Wanneer ik die foto in zwartwit had bewerkt, had niemand gezegd dat dat niet realistisch is. 'Ja maar die auto's zijn helemaal niet zwartwit, dat is niet de werkelijkheid.' Kortom, je past je beelden altijd naar eigen smaak aan. Ik vind het overigens wel supertof om een foto te maken die er al op het display van mijn camera afspat. Dat je dat beeld al aan iemand kan laten zien die met je meekijkt en dat die persoon zegt: 'Wow!'. Dat vind ik ook het toffe aan het werken met de camera's van Fujifilm. Op het display van die camera laat je aan iemand zien hoe het beeld er op dat moment met het bestaande licht uit ziet. Live view! Vervolgens druk ik op de ontspanknop en gaan er vier flitsers af en heb je iets heel anders. Dat blijft iets magisch. En dan ook dat wow-effect van de mensen eromheen. Dat blijft voor mij echt leuk. Er nog wat bij knutselen in de vorm van licht. Dat is mijn stijl en daar haal ik veel lol uit.'

Het feit dat Martin bij veel van zijn beelden gebruik maakt van flitslicht, betekent niet dat hij niet van het natuurlijke licht houd. Integendeel. 'Ik hou van fotograferen met mooi licht, maar dat is er gewoon niet altijd. Ik maak eigenlijk altijd gebruik van bestaand licht. Dat vul ik alleen een beetje aan met flitsers. En niet eens altijd. Want dat is wel een gevaar bij fotografen die net beginnen met flitsen. Zodra ze dat een beetje in de vingers krijgen, maken ze bij iedere foto gebruik van flitsers terwijl je die soms ook gewoon moet weglaten. Ik maak juist ook veel gebruik van bestaand licht. En als ik flits, werk ik vaak ook nog op ISO 1600 en diafragma f/1.4. Juist om lekker veel bestaand licht toe te voegen aan mijn beelden. Dat vul ik aan met een klein beetje flitslicht. Juist dan is zo'n kleine flitser ook zo handig. Daarbij kun je het vermogen heel laag zetten. Dat kan bij die grote, zware jongens niet. Daarbij is het laagste vermogen nog altijd teveel. Die kleine flitser zet ik dan op het laagste vermogen en vaak ook nog in combinatie met grijsfilters zodat er slechts een klein propje licht bijkomt.'

Terug in de tijd

Martin keert terug in de tijd. De tijd waarin “we” nog analoog schoten en onze beelden bewerkte in de doka. 'In die periode moest je alles nog meten. Dan had ik wel een bepaald idee in mijn hoofd bij een beeld, maar de uitkomst was het dan vaak nét niet. Ik vond de komst van digitale fotografie dan ook een verademing. Leuk hoor, in zo'n doka. Je beeld een beetje manipuleren: doordrukken of juist tegenhouden. Maar ik ben niet zo nostalgisch. Ik vind de mogelijkheden op de computer veel toffer zoals ik ook veel liever werk met de digitale camera. Daarmee heb je direct feedback op je scherm. Dat maakte en maakt het fotograferen zo veel makkelijker. Je weet nu precies wat je doet. Je drukt op een knopje en binnen een halve seconde weet je hoe het licht valt en kun je eventueel nog dingen aanpassen. Staat die flitser wel goed? Hij licht het hoofd wel mooi uit, maar wat als ik hem nog vijf centimeter hoger zet? Is het effect op het gezicht dan nóg mooier? Dat soort dingen. Je moet dat wat je op je camera terugziet dus ook wel een beetje kunnen “lezen”. Dat neemt niet weg dat het feitelijk een heel simpele bedoeling is. Ik zie exact wat ik doe. Het is een beetje te bleek of juist wat te donker. Te veel, of juist te weinig schaduw... Het zijn uiteindelijk maar een paar stapjes om te volgen. Dat maakt dat het allemaal absoluut geen hogere wiskunde is.'

Martin leerde veel over flitsfotografie op de fotovakschool, maar het echte werk leerde hij in de praktijk. 'Op de fotovakschool moest alles precies volgens de regeltjes. Ik heb mezelf juist heel andere dingen aangeleerd. En ja, de techniek blijft wel hetzelfde. Je hebt omgevingslicht, dat breng je vervolgens samen met je flitslicht. Maar op de fotovakschool moest dat allemaal keurig bij elkaar zitten. Ik hou zelf juist heel erg van flink overbelichten of onderbelichten en dat dan bij elkaar brengen. Kortom, de basis dingen van de fotovakschool, de algemene regels, zitten er nog wel in, maar ik heb er mijn eigen draai aan gegeven. Zeker in het begin zocht ik veel dingen online op en daar ging ik dan bij mijn eerste de beste opdracht mee experimenteren. Ik heb het geluk dat ik bijna iedere dag wel een shoot heb en had. Dat geeft mij dus ook veel ruimte om te experimenteren. Ik ging er niet mee trainen, maar bracht het gewoon meteen in de praktijk.'

Dat kan heel spannend zijn. Niet voor Martin. 'Als gezegd zie je wat je doet. En natuurlijk maak ik ook altijd wel een veilige foto. Bovendien, de leukste dingen zijn vaak de dingen die in eerste instantie mislukt lijken om er dan achteraf achter te komen dat je er toch nog iets moois van kan maken.'

'Bij sommige opdrachten staat vooraf alles al vast', vervolgt Martin. 'Dan wil de opdrachtgever gewoon een bepaalde stijl met bijvoorbeeld zacht licht. Dergelijke opdrachten lenen zich niet voor experimenten. Ik geef dan ook de voorkeur aan portretopdrachten voor bijvoorbeeld magazines, waarbij ik helemaal de vrije hand heb. Dergelijke klussen lenen zich uitstekend voor experimenten. Als ik het voor het kiezen had zou ik daar voor de rest van mijn loopbaan voor tekenen.'

Martin Hogeboom is er als gezegd niet de man naar om zichzelf op de borst te kloppen. Hij is maar 'gewoon fotograaf' en fotografie 'is allemaal helemaal niet zo ingewikkeld'. Daarnaast typeert hij zichzelf als een fotograaf van de sprintjes. Wat bedoelt hij daarmee? 'Ik vind het het leukste wanneer ik een uur met iemand kan knallen. Dan ben ik helemaal in mijn element. Dat geeft een kick. Als dat dan allemaal lukt en je weet die persoon al die tijd bij de les te houden... Dat is mijn favoriete manier van werken. Op de toppen van mijn kunnen, alle creativiteit die in me zit uit de kast trekken en knallen. Daarbij is het ook leuk als je dan ook nog eens een mooi gesprek hebt met zo'n persoon tijdens die shoot. Dat is ook exact de reden dat ik met simpele dingen wil werken. Al die techniek leidt af van het contact met je onderwerp. Wanneer de persoon voor mijn lens inkakt, kan ik nog zo'n mooi licht hebben, maar dan kom ik met niets thuis. Daarom grijp ik ook graag terug naar bepaalde trucjes en effecten die ik al gebruikt heb bij andere shoots en waarvan ik weet dat ze goed werken. Die pas ik dan bij de volgende persoon gewoon opnieuw toe. Natuurlijk in een heel andere omgeving en met een ander kleurenfiltertje, maar wel vanuit hetzelfde principe, hetzelfde knallende belichtingseffectje. Zo kan ik al mijn aandacht bij mijn onderwerp houden en val ik qua techniek terug op vertrouwde zaken.'

Techniek versus gevoel?

Martin: 'Techniek belemmert. Dat geldt ook voor camera's. Camera's die mij het minste in de weg zitten, hebben mijn voorkeur. Daarom ben ik ook zo'n groot fan van Fujifilm. Ze zijn superklein en liggen prettig in de hand. Ik werk altijd vanaf mijn LCD-scherm zodat ik heel eenvoudig van standpunt kan veranderen maar ondertussen wel mijn camera kan blijven overzien. Ik vind dat echt ideaal. Ik vind het heel belangrijk om in de flow van de fotografie te komen, het moet vanzelf gaan. De Fujifilms passen exact in dat plaatje. Flitsen is overigens wel altijd een ding. Je moet die dingen instellen en dat leidt af. Ik probeer dat altijd wel uit te leggen aan de persoon die ik voor mijn lens heb en ik laat vaak ook even zien wat de effecten zijn van wat ik doe. De meesten snappen dat dan ook wel. Het gesprek moet op gang blijven. En nee, die gesprekken hoeven niet allemaal even diepgaand te zijn, als er maar contact blijft met de persoon. Dat contact verlies je wanneer je de techniek niet helemaal in de vingers hebt... Dan ga je naar je camera en je flitsers zitten staren en raak je je onderwerp kwijt. Dan kun je een goed portret echt vergeten. Dat is ook precies de reden dat ik kies voor een uurtje knallen. Een uur waarin er van twee kanten alle aandacht is. Gaan! Honderd procent focus op de persoon, de techniek en de creativiteit. En er komen altijd onverwachte dingen tussendoor, want net als je begint met knallen, blijkt één van je flitsers niet te werken. In dat soort gevallen doe ik altijd maar of dat de bedoeling is. Er staan dan wel vijf flitsers, maar ik gebruik er maar twee. Je moet soms ook gewoon improviseren. Ook dat is fotografie. En kalm blijven natuurlijk. Nee hoor, niets aan de hand...'

Beelden © Martin Hogeboom

Martin Hogeboom, Epe

In het werk van fotograaf Martin Hogeboom draait het om verhalen. Hij vertelt een verhaal met zijn camera: van een persoon, een merk of product. Martin fotografeert voornamelijk mensen, in de vorm van portretten bij een interview, reclamefoto's voor een dienst of product, modefoto's et cetera. Van snelle locatieportretten in reportagestijl tot uitgebreide fotoshoots met veel extra verlichting, styling en beeldbewerking. Wat de opdracht ook is, in elke situatie wil hij een boeiend beeld maken. Sinds 2001 is Martin fulltime beroepsfotograaf in reclame-, portret- en modefotografie. Hij werkt voornamelijk op locatie. In Nederland, maar ook in het buitenland.

In de cameratas van Martin Hogeboom

Martin Hogeboom werkt met de Fujifilm X-T2 en de Fujifilm X-Pro 2. Deze camera's gebruik ik in combinatie met de volgende objectieven: de Fujifilm 16mm 1.4, de Fujifilm 35mm 1.4, de Fujifilm 56mm 1.2, de Fujifilm 10-24mm 4.0, de Fujifilm 50-140mm 2.8 en de Samyang 8mm. Daarnaast werk ik met de midden formaat, de Fujifilm GFX50s in combinatie met de Fujifilm 63mm 2.8 en de Canon 85mm 1.2L. Dat laatste objectief gebruik ik in combinatie met een Techart-adapter voor Canon. Voor mijn flitswerk maak ik gebruik van 2 Godox AD-200-flitsers, 2 Godox TT-685F-flitsers, 2 Godox X1f-triggers, de Softbox SMDV Speedbox-70s, Rogue-flashbenders, kleurenfilters, een Light Blaster projectie-unit, de Profoto B2r - 1200Ws-accuflitser en 3 Cactus RF-60-flitsers met Cactus-triggers. Sinds kort werk ik ook met continulicht. Daarvoor maak ik gebruik van de LED-ringlight - Ledgo small video light, Ledgo D600 Fresnel-spot, Ledgo T1440MCII Ultra Matte Light en twee Ledgo LE60-striplights. Ook heb ik nog wat losse oude flitsers en lensjes die ik heel af en toe nog wel eens gebruik.

DIGIFOTO Pro 

Dit interview met Martin Hogeboom was eerder te lezen in DIGIFOTO Pro 4.2018. Je kunt deze en andere edities ook los bestellen voor €7,95 inclusief verzendkosten (binnen Nederland). Een abonnement nemen kan ook. Check daarvoor deze link.

Lees ook: Praktijk: Fujifilm XF 200mm f/2.0

Lees ook: Fujifilm ambassadeur Ferry Knijn over de nieuwe GFX 50R en de GFX 100S

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

afbeelding van Remco Stunnenberg

Remco Stunnenberg | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Remco