Nikon-ambassadeur Marsel van Oosten

'Hopelijk hoeven we binnen afzienbare tijd niet meer met DSLR's te schieten'

Redactie 644 0
Na 15 jaar actief te zijn geweest in de reclamewereld als art-director gooide Marsel van Oosten ruim tien jaar geleden het roer om. Hij volgde zijn hart en werd professioneel natuurfotograaf. In 2018 werd hij uitgeroepen tot Wildlife Photographer of the Year. Wij spraken hem over zijn winnende foto en zijn werkwijze.

Over Marsel van Oosten

Met zijn indrukwekkende reeks prestigieuze prijzen, foto’s in musea en galeries en regelmatige bijdrages aan National Geographic mag Marsel van Oosten zich tot de grootste natuurfotografen van Nederland rekenen. Zijn liefde voor natuur is duidelijk zichtbaar en vertaalt zich niet alleen in aantrekkelijk beeld, maar ook in een uitgesproken zorg voor (bedreigde) dieren en hun omgeving.

Bekijk meer foto's van Marsel van Oosten www.squiver.com
'Ik ben broodnuchter en de rationaliteit zelve maar de eerste dagen na mijn verkiezing tot Wildlife Photographer of the Year 2018 was ik behoorlijk in de war. Het had echt veel impact. Meer dan ik ooit had kunnen bedenken. Inmiddels ben ik weer geland. Het gaat weer goed,' begint Marsel van Oosten als we hem vragen over het winnen van de prestigieuze titel. 

Wildlife Photographer of the Year 2018

Dat de overall titel mijn kant zou opvallen, had ik absoluut niet zien aankomen. Ik ben altijd erg kritisch op mijn eigen werk. Ik vind het eigenlijk nooit goed genoeg. Ook de winnende foto vind ik bij lange na niet perfect. Ik zie in dat beeld nog zoveel dingen die niet kloppen. Ik streef er in mijn fotografie altijd naar om vormen van elkaar te scheiden. Een zwakte in dit beeld is dat die twee apen aan elkaar vast zitten. Daar was ik mij tijdens het fotograferen al van bewust, maar ik moest een compromis maken. Ik wilde namelijk ook de rugharen van de aap op de voorgrond goed in beeld brengen. Om de apen van elkaar te scheiden, moest ik een flinke stap naar rechts maken maar in dat geval ging mijn mooie hoek verloren waarbij ik juist die haren op de rug goed in beeld had. Het was dus het een of het ander. Het kan nu eenmaal niet altijd perfect zijn. Los daarvan zie je in de achtergrond, recht boven die tweede aap, ook nog een derde aap zitten. Die is compleet out of focus maar toch stoort mij dat. Mijn fotografie kenmerkt zich juist door het feit dat ik een afkeer heb van afleidende elementen. Over het algemeen zien mijn beelden er heel schoon, bijna klinisch uit. Eenvoudig, to the point en helder, dat is mijn stijl. Om die reden is een bos voor mij sowieso een heel moeilijke, artistiek uitdagende locatie om te fotograferen. Normaal gesproken zou ik dat afleidende element er moeiteloos uitgepoetst hebben. Echter, dat mag niet bij deze tamelijk fundamentalistische competitie waarbij je ook altijd je RAW materiaal moet meesturen. Als daar uit blijkt dat je aan het poetsen bent geweest, lig je er uit. Dat dwong mij om op artistiek vlak water bij de wijn te doen. En natuurlijk zijn dit details. Maar dit is mijn vak. Ik fotografeer iedere dag. Dan ontwikkel je een heel uitgesproken en eigen beeldtaal. Dan ga je je met details bezighouden die een normaal mens bij wijze van spreken niet ziet. Ik heb in het verleden heel vaak beelden niet ingestuurd omdat ze niet aan mijn eigen eisen voldeden...  

Ik fotografeer zowel wildlife als landschappen maar steeds vaker vooral landschappen. Wanneer je een landschap inloopt met heel mooi licht, zie je meteen dat het een mooi landschap is. Maar dan? Waar richt je je objectief op? Waar je ook kijkt, het is mooi? Wat kies je dan? Wat wordt jouw compositie? Welke elementen neem je wel en welke elementen neem je niet mee? Dat soort stress heb je niet niet bij wildlife fotografie. Je bent op safari en ineens doemt daar een leeuw op. Dan is direct duidelijk waar je je objectief op moet richten. Dat is wat mij betreft een van de grootste verschillen tussen beide genres. In die zin vraagt landschapsfotografie om veel meer visie dan wildlifefotografie. Waar kies je voor uit het brede scala aan mogelijkheden. Het vergt kortom een heel andere kijk en werkwijze. Voor mij werkt het goed om beide genres af te wisselen. Dan het een, dan het ander. Op die manier dwing ik mijzelf steeds om anders te kijken en anders te denken. Dat houdt me scherp én het voorkomt dat ik op de automatische piloot ga schieten. Als je heel vaak hetzelfde doet, word je daar heel handig in en bestaat het gevaar dat je stopt met nadenken. Mijn absolute doel is tegenwoordig overigens steeds vaker een combinatie van de twee genres. Een mooi landschap met daarin een dier. Een beeld waarin beide genres terugkeren en elkaar versterken. Dat is het ultieme doel, en meteen de meest moeilijke uitdaging. Ik zie vaak een mooi dier maar dan is de omgeving waarin het dier staat helemaal niets. Of ik zie een prachtig landschap waarin geen dier te bekennen is.

Nikon Z 7

Ik fotografeer sinds jaar en dag met Nikon maar ik ben niet een officiële Nikon ambassadeur. Wel heb ik in opdracht van Nikon twee grote, wereldwijde introductieprogramma's gedaan. Zo was ik vorig jaar augustus nauw betrokken bij de introductie campagne van de Nikon D850 en dit jaar was ik zeer nauw betrokken bij de introductie van het nieuwe Z-systeem. Nikon zocht naar beeldmakers die de sterke punten van de D850 en de Z7 over het voetlicht kunnen brengen. In het geval van de D850 was timelapse een van die speerpunten. Ik heb er ooit een gemaakt en uitgerekend die vond Nikon Japan de mooiste die ze konden vinden. Zo kwamen ze voor dit specifieke speerpunt bij mij uit. Ze waren erg blij met het eindresultaat. Dat bracht ze ook dit jaar voor de introductie van de Nikon Z7 weer bij mij. Voor die camera hadden ze mij specifiek benaderd voor landschap. Vervolgens ben ik op zoek gegaan naar een landschap dat goed past bij de Z 7. Een belangrijk speerpunt van de Z7 is scherpte, van hoek tot hoek en van rand tot rand. Zo kwam ik uit bij een gebergte in Madagaskar. Dat is van zichzelf een vlijmscherp landschap en daardoor een heel moeilijk gebied om je in voort te bewegen en dus ook heel lastig om er te fotograferen. Maar dat moest het voor mij wel absoluut worden.  

'Nikon heeft ook bij de Z 7 de ergonomie heel goed voor elkaar' - Marsel van Oosten

Van nature ben ik nogal sceptisch en ook nooit meteen onder de indruk. Dat neemt niet weg dat ik snel overtuigd was van de Z7. Daar waar veel andere spiegelloze camera's het op het gebied van ergonomie voor mij niet zijn, heeft Nikon, zoals zo vaak, ook bij de Nikon Z 7 de ergonomie heel goed voor elkaar. Ondanks zijn compactheid is de grip lekker fors. Daardoor ligt hij heel goed in de hand. Zoals iedereen die voor de eerste keer met een spiegelloos systeem werkt, moest ik ook erg wennen aan de elektronische zoeker. Maar toen ik na weken fotograferen in Madagaskar met de Z7 weer aan de slag ging met mijn DSLR voelde dat ineens heel erg terug in de tijd. Ineens miste ik al die opties die de elektronische zoeker biedt. Dat zowel Canon als Nikon zich nu ook op deze markt hebben begeven zie ik dan ook als erg goed nieuws voor fotografen. Met name Sony krijgt nu tegengas en dat is goed voor de ontwikkelingen. Alles komt nu in een stroomversnelling en hopelijk hoeven we binnen afzienbare tijd niet meer met DSLR's te schieten. Lang leve de compactheid!'

Fotografietips van Marsel van Oosten

'De belangrijkste tip die ik iedereen altijd geef, is om je eigen ding te doen. Dat klinkt heel erg voor de hand liggend, maar dat is het kennelijk niet. Veel fotografen doen absoluut niet hun eigen ding, maar andermans ding. Als je wilt dat jouw beelden echt opvallen, moet je zorgen dat ze er uit springen. Dat impliceert dat je iets moet verzinnen om daadwerkelijk andere beelden te maken. Er zijn legio mogelijkheden om dat voor elkaar te krijgen. Dat kan het onderwerp zijn, een speciale techniek, een bepaalde manier van bewerken. Het draait om de oorspronkelijkheidsgedachte. Bij alles wat ik zelf fotografeer denk ik altijd: wat heb ik hier zelf als fotograaf aan toegevoegd? Wat maakt dit beeld anders dan wat er al is? Dat is de essentie. Als ik een onderwerp ga fotograferen, kijk ik ook altijd eerst naar wat er al is van dat onderwerp. Wat hebben al mijn collega's al gefotografeerd? Vervolgens ga ik kijken hoe ik daar een eigen draai aan kan geven. Dat kan een heel klein, subtiel verschil zijn. Zolang het maar anders is. Wanneer iedereen daar naar zoekt, wordt het vak beter. Dat impliceert ook dat de kijkers steeds weer verrast worden door andere foto's. Dit is overigens ook het moeilijkste van fotografie, het bedenken van wat je gaat doen en hoe je het gaat doen op een geheel eigen manier.'

Interview Marsel van Oosten in DIGIFOTO Pro Magazine

Dit interview met Marsel van Oosten is afkomstig uit DIGIFOTO PRO 6.2018 en onderdeel van een inspirerend verhaal met verschillende ambassadeurs aan het woord. Wil je het hele artikel lezen en magazine thuis ontvangen? Bestel hem hier

afbeelding van Redactie

Redactie DIGIFOTO Pro | Redactie

Bekijk alle artikelen van Redactie