FOMU laat zien hoe een duurzaam fotomuseum werkt
Wie deze weken omhoog kijkt bij FOMU in Antwerpen, ziet meer dan de gevels van een toonaangevend fotomuseum. In de dakgoten heeft opnieuw een kolonie van zo’n vijftig gierzwaluwen haar intrek genomen. De luchtacrobaten vormen een levend contrast met de museale stilte binnen, waar fotografisch erfgoed wordt bewaard voor de toekomst.
Beeld: Gierzwaluwen bij FOMU © Sarah Skoric / FOMU
Een duurzaam fotomuseum voor mens en natuur
Dat juist FOMU onderdak biedt aan deze zeldzame vogels, past binnen een breder duurzaamheidstraject. Het museum werkt al jaren aan ecologische verduurzaming: van groengevels en biodiversiteit tot energiezuinig collectiebeheer en duurzame tentoonstellingsbouw.
Met 25 nestopeningen in de dakgoten biedt FOMU plaats aan een kolonie van ongeveer vijftig gierzwaluwen. Tot half juli zijn de vogels rond het museum te zien, waar ze met hoge snelheid langs de gevels scheren.
De keuze om ruimte te maken voor stedelijke fauna sluit aan bij de manier waarop het museum naar zijn omgeving kijkt. FOMU wil niet alleen een plek zijn waar fotografie perspectief biedt, maar ook een gebouw dat actief bijdraagt aan biodiversiteit in de stad.
Groengevels beschermen collectie en klimaat
Ook de gevels van FOMU spelen een rol in die ecologische aanpak. De muren in de Lakenstraat en van de collectietoren in de Verviersstraat zijn vergroend. Volgens het museum verlaagt dit de geveltemperatuur met 5 tot 10 graden Celsius.
Die verkoeling is niet alleen prettig voor de buurt, maar ook belangrijk voor de collectie. Fotografisch materiaal is gevoelig voor temperatuur, vochtigheid en licht. Door het gebouw slimmer te laten meebewegen met het klimaat, kan FOMU erfgoed bewaren zonder automatisch te kiezen voor energie-intensieve installaties.
Renderbeeld groengevel Verviersstraat © Groene Gevels
Energiezuinig collectiebeheer bij FOMU
Een belangrijk onderdeel van het traject is het energiezuinige depot dat FOMU in 2017 opende. Dat depot was volgens het museum het eerste in Europa in zijn soort. In plaats van zware koelinstallaties laat het depot de temperatuur subtiel meebewegen met de seizoenen.
Die aanpak is gebaseerd op onderzoek waaruit blijkt dat niet alle collectiestukken baat hebben bij koude bewaring. Zwart-witprints, boeken en fotoalbums kunnen onder gecontroleerde, ruimere klimaatwaarden veilig worden bewaard. Daarmee blijft het depot een Europese referentie voor energiezuinig collectiebeheer.
Energiezuinig depot FOMU © FOMU
Duurzame tentoonstellingen en infrastructuur
Ook achter de schermen zet FOMU verdere stappen. Het museum kiest voor lokale productie, gegroepeerde transporten en ecologische materialen, zoals gecertificeerd hout en biologisch afbreekbare conservatieproducten.
Tentoonstellingsmateriaal krijgt waar mogelijk een tweede leven via hergebruik of upcycling, onder meer met partners als Buurman vzw en Manus. Zo wordt duurzaamheid niet alleen zichtbaar aan de buitenkant van het gebouw, maar ook in de manier waarop tentoonstellingen tot stand komen.
Daarnaast zijn de daken in 2025 vernieuwd en voorzien van zonnepanelen, goed voor een energiewinst van 8 procent. Op termijn sluit FOMU aan op het Antwerpse warmtenet, waardoor gas overbodig wordt. Publieksruimtes zijn uitgerust met LED-verlichting, terwijl screens en UV-werende folie helpen om het binnenklimaat stabiel te houden.
Zonnepanelen op het dak van FOMU © Sarah Skoric / FOMU
FOMU verbindt fotografie en duurzaamheid
Sinds het behalen van het ISO 14001-certificaat in 2011 is ecologische duurzaamheid uitgegroeid tot een kernwaarde van FOMU. Het museum koppelt internationale klimaatdoelstellingen aan concrete keuzes in collectiebewaring, infrastructuur, tentoonstellingen en biodiversiteit.
Daarmee laat FOMU zien dat een fotomuseum meer kan zijn dan een plek waar beelden worden getoond en bewaard. Het gebouw zelf wordt onderdeel van een groter verhaal: over kijken, bewaren, vertragen en verantwoordelijkheid nemen voor de wereld buiten het beeldkader.
