In gesprek met Fujifilm-ambassadeur Ferry Knijn

Redactie 202
Ferry Knijn werkte als producer in de muziekindustrie en rolde vanuit dit vak bijna automatisch de fotografie in. Inmiddels heeft hij een eigen fotostudio en is hij ambassadeur voor FujiFilm. We spraken met de fotograaf.

Hoe ben je begonnen als fotograaf?

‘Ik wilde altijd al het theater in en ik was ook gewoon hobbymuzikant. In Amsterdam heb ik een opleiding gedaan voor muziekproductie, eigenlijk vooral hobbymatig. Zo ben ik vanuit mijn hobby de muziekindustrie ingerold. Toen ik met een productie bezig was samen met een singer-songwriter, we waren een album aan het maken, kwam de vraag of ik ook foto’s wilde maken. Denk dan aan behind the scenes-foto’s en dergelijke. Toen dacht ik: “Prima, doe ik!”. Toen heb ik mijn eerste spiegelreflexcamera gekocht en zo ben ik de fotografie ingerold', vangt de geronommeerde Ferry Knijn aan. 

Waarom trok de fotografie je zo?

‘Voor een groot deel is het de snelheid die gepaard gaat met fotografie. Voor mij gold trouwens ook gewoon: ik kon er geld mee verdienen. Dus dat was de business-kant. Maar laten we eerlijk zijn: ik vind het ook gewoon leuk om te doen, ook vanwege de connectie met de mensen en de muzikanten. En om toch ook op een andere manier met de muziek bezig te zijn. En te spelen met licht. Ik ben eigenlijk gewoon steeds meer gaan experimenteren.’

Jouw werk bestaat nu voornamelijk uit reportage en portretfotografie. Wat zijn belangrijke opdrachtgevers?

‘Een groot gedeelte van mijn klanten zijn muzikanten en theatermakers. Ik heb onlangs de foto's gemaakt voor enkele producties. Onder andere voor de soulvoorstelling 'It's a Man's World.' Er komen dit jaar een hoop jazzalbums uit, onder andere voor The Preacher Men. Voor hen heb ik alle fotografie gedaan, waaronder ook de albumhoezen. En straks moet ik voor de balletschool weer foto's gaan schieten. Verder doe ik ook veel bedrijfsportretten.’

Sinds 2017 ben je ambassadeur van FujiFilm. Hoe is dat zo gekomen?

‘De jongens van FujiFilm kende ik al een tijdje. Ik ooit ben begonnen met de point-and-shoot met FujiFilm-camera's. Toen de X100 uitkwam, de eerste APC-formaat camera, ben ik meteen ingestapt. Ik gebruikte ondermeer de X-Pro 1, X-E1, de X-T1  Ik vond het hele prettige camera's, alleen voor professioneel gebruik miste ik wel een aantal dingen, zoals de videofuncties. Die waren aanwezig, maar daar ging ik geen opdrachten mee doen. Ondersteuning voor tethering was er niet. En als er een keer een grote poster van gemaakt moet worden, is het lekker om net even een beetje meer dan 16-megapixels te hebben.’

‘Op de Photokina werden nieuwe camera's geïntroduceerd, de XT-2 en de GFX. Ik wilde altijd al een middenformaatcamera, dus toen heb ik op de Professional Imaging-beurs even met Thom van FujiFilm gesproken. Hij begon te hinten dat ze nog ambassadeurs zochten. Ze wisten dat ik FujiFilm al heel lang gebruik als mijn persoonlijke werkcamera. Dus toen kwam de vraag: “wil je misschien ambassadeur worden?”. Toen is het eigenlijk vrij snel rondgekomen. Alles waar ik tegenaan liep, hebben ze opgelost in de X-T2 en GFX. Voor mij was er geen reden om het niet te doen.’

LEES OOK: Sportfotograaf Samo Vidic vertelt over fotograferen van topsporters met een beperking, onder wie paralympisch zwemmer Darko Duric

Vanuit de rol als ambassadeur geef je workshops en demo's.

‘Ik gaf sowieso al workshops, maar vanuit mijn rol als ambassadeur doe ik het wel meer. En ik word specifiek voor FujiFilm ingehuurd om demo's te geven. De eigen workshops gaan over portretfotografie, belichting en werken in kleine ruimtes. De demo's voor FujiFilm gaat over de introductie van de camera. Vooral dat je geen angst hoeft te hebben om van je DLSR over stappen op een spiegelloze camera. Het idee dat je fullframe moet hebben om het maximale eruit te halen, is tegenwoordig gewoon achterhaald. Als ik kijk wat er uit mijn X-T2 en nu mijn XH-1 komt rollen...  Als ik nu een DLSR in mijn handen krijg, voel ik mij onthand omdat ik functies mis.’

Wat is er zo fijn aan de GFX 50?

‘Het is een middenformaatcamera. Dat vind ik qua look, het beeld wat het geeft, héél mooi. Een DSLR-camera vind ik net te gepropt. Je hebt de 2:3 ratio, dat vind ik bij staand werk en vooral portretten gewoon niet mooi, je hebt te veel headroom. Ik heb liever 4:3 of 4:5. Daarnaast ademt het beeld meer. Het is net dat randje wat jou distantieert van andere fotografen. Je compositie wordt makkelijker. De concurrentie is moordend. Dus dan wil je net die andere look aan je werk geven die een andere fotograaf niet heeft.’

Hoe heeft het precies je werk veranderd?

‘Ik schiet veel minder foto's. Waar ik vroeger in een sessie voor een portret over een dag 800 foto's schoot, schiet ik er nu af en toe nog maar 200 tot 400. Dat komt voornamelijk door de EVF. Als ik aan het fotograferen ben, zie ik continu mijn beeld terug. Dus als er iets misgaat, kan ik meteen anticiperen. Waar je vroeger wel eens had: “dit had beter gekund”. Nu zie ik bij mijn eerste foto dat het hem niet wordt, en dan kan ik het gelijk nog aanpassen. Met de GFX werk ik voornamelijk vanaf een statief. Daarbij kijk ik nu meer over de camera heen, waardoor ik niet meer het poppetje ben dat verstopt zit achter de camera. Daardoor kan ik beter communiceren met mensen die ik fotografeer.’

Over Ferry Knijn

Ferry Knijn is vanuit de muziekindustrie de professionele fotografie ingerold. Zijn werk bestaat vooral uit reportage- en portretfotografie voor magazines, bedrijven en artiesten. Maar ook het maken van video's is hem niet vreemd. Naast het maken van korte video's voor bedrijven maakt hij ook wekelijks video's voor zijn eigen YouTube-kanaal.

www.ferryknijn.com

In de cameratas van Ferry

'Ik werk met de Fuji X-H1 in combinatie met de volgende objectieven: de 10-24mm, de 16-55mm, de 16mm en de 56mm 1.2 APD. Daarnaast werk ik met de GFX in combinatie met de 45mm, de 63mm en de 100mm. Last but not least werk ik met de Fujifilm X100f.'

afbeelding van Redactie

Redactie DIGIFOTO Pro | Redactie

Bekijk alle artikelen van Redactie