Erwin Olaf: ‘Fotografie is één grote zoektocht’

Redactie 1744
Erwin Olaf (Hilversum, 1959) is misschien wel ’s lands bekendste fotograaf en niet ten onrechte. Wie zijn oeuvre door de jaren heen heeft gevolgd, zal van de ene verbazing in de andere gerold zijn.

Het is werk dat meteen in het oog springt, de direct herkenbaar Olaf-signatuur heeft en de aanschouwers ervan soms in een prettige staat van verwarring brengt. Door de jaren heen is Olaf steeds persoonlijker geworden. Wij waren benieuwd of de fotograaf dat zelf ook zo ziet.

De gestileerde beelden van Olaf spreken je aan of niet, er lijkt nauwelijks een tussenweg mogelijk. Bij deze serie (‘Fall’) zijn de foto’s gemaakt op het moment dat de geportretteerden met hun ogen knipperen, waardoor ze  zich voor de fotograaf lijken af te sluiten. Of voor ons, de aanschouwers van deze wonderlijke beelden. Deze serie beleeft haar wereldpremière in het fotomuseum te Den Haag. Wat opvalt, is dat Olaf steeds ingetogener is gaan werken, zijn ooit fantastische, bombastische en barokke decors lijken min of meer plaats te maken voor een soberder uitgangspunt, waarin de modellen zelf een grotere rol van betekenis spelen. Ontvangen worden in de studio van Erwin Olaf, zo stel ik mij vooraf voor, heeft iets weg van op audiëntie gaan bij de bij een lid van het koninklijk huis. Maar niets van dit alles. Olaf neemt ruimschoots de tijd voor een gesprek dat plaatsvindt in de keuken grenzend aan zijn ruime studio. Ofschoon dit gesprek zijn zesde van die dag is, praat hij enthousiast over zijn carrière, zijn werk en toekomstplannen.

Een carrière in vogelvlucht
‘Eind jaren zeventig deed ik de School voor Journalistiek in Utrecht. Maar ik ontdekte al snel dat de schrijvende journalistiek niet echt mijn kop thee was. Ik ben toen wat gaan experimenteren met fotografie en van het één kwam het ander. In 1981 werkte ik als stagiair bij onderwijsfotograaf André Ruigrok en vanaf dat moment is het eigenlijk razendsnel gegaan…’

Niet lang daarna maakt Olaf kennis met choreograaf Hans van Maanen, die ook actief is als fotograaf. Het klikt meteen tussen de twee en Van Maanen leert Olaf buiten de geijkte kaders te denken. Daar maakt Olaf ook voor het eerst kennis met de Hasselblad en met het werken met één lamp. Voor het COC werkt hij als vrijwilliger en in die hoedanigheid houdt hij zich voornamelijk bezig met journalistieke fotografie. ‘Maar de actie ging altijd boven de esthetiek. Wat de reden is dat ik mij in de journalistieke fotografie nooit écht heb thuis gevoeld…’ Wel komt er van Olaf in 1985 nog een boekje op de markt met stadsgezichten. Maar ook in dit genre voelt hij zich niet helemaal thuis.

Erwin Olaf, Hope - The Kitchen, 2005, lambda print. Courtesy Flatland Gallery.

afbeelding van Redactie
Door: DIGIFOTO Pro

DIGIFOTO Pro | Redactie

Bekijk alle artikelen van DIGIFOTO